zaterdag 27 oktober 2012

Bijscholing “moeilijk hanteerbaar gedrag”

Hulpverleners krijgen regelmatig bijscholingen om hun werk en de zorg te optimaliseren. Zo ook vandaag.
Het thema dat op de agenda stond was “ probleemgedrag” bij dementerenden.
De bijscholing begon al met een discussie “ wat is probleemgedrag?”.
Wat voor de ene hulpverlener als probleemgedrag wordt aangeduid is dat absoluut niet voor de andere hulpverlener.
Hoe kunnen we probleemgedrag dan definiëren ...
Gedrag dat alle andere gedrag overheerst en dat het ‘normale’ functioneren in de weg staat. Probleemgedrag is gedrag dat een bedreiging vormt, schadelijk is voor de persoon zelf en/of de personen uit de omgeving.’
Hulpverleners geven aan dat zij het meeste problemen hebben met verbaal – en /of fysiek agressief gedrag en seksueel overschrijdend gedrag.
Het is goed om weten dat geen enkele dementerende dit gedrag bewust vertoont!
Het is tevens opmerkelijk dat bij dementerenden die lijden aan frontaalkwabdementie dit gedrag veel meer uitgesproken is dan bij degene die lijden aan Alzheimer(= de grootste groep).
De ziekte van Pick, een andere naam voor frontaalkwabdementie, hier gaat het vaak over “jong dementerenden”.
Het gegeven van hun verbale – en fysieke agressie is niet leuk voor een hulpverlener maar wel te begrijpen. Deze mensen zitten bij wijze  van spreken “in de flair van hun leven” en krijgen dan te kampen met geheugenproblemen, het kan bijna niet anders of dit lokt enorme frustraties uit! Het gedrag dat zich dan uit is : roepen, schelden, slaan, stampen, spuwen, ... uiteraard zorgt dit regelmatig voor een “gespannen” sfeer op een afdeling. Als hulpverlener heb je uiteraard begrip voor dit gedrag maar tegelijkertijd sta je ook in voor de veiligheid van de andere bewoners. Vaak delen zij mee in de klappen en dan moet je keuzes maken. Kies je voor het welzijn van alle bewoners en isoleer je de “amokmaker” of tolereer je dit gedrag met alle gevolgen van dien? Een moeilijke overweging als hulpverlener!
Ik weet dat hulpverleners vaak de kritiek krijgen dat zij kiezen voor de makkelijke weg en bewoners met “moeilijk” gedrag gaan fixeren of onder de pillen steken.
Zo simpel werkt het echter niet! Elke vorm van “probleem” gedrag wordt zorgvuldig geregistreerd en in team besproken samen met een geriater, hoofdverpleegkundige en familie! En met alle betrokkenen wordt er dan bekeken hoe we het best omgaan met het “probleem”gedrag. Verschillende pistes worden bewandeld alvorens we overgaan tot “ingrijpende” maatregelen. Maar spijtig genoeg kunnen we soms niet anders dan één persoon fixeren of psychofarmaca toedienen om de veiligheid van een ganse groep te vrijwaren!
En geloof me vrij, als hulpverlener is het verschrikkelijk om iemand met “probleem” gedrag te moeten fixeren en hem / haar van zijn vrijheid te beroven!
Dit is echt de allerlaatste stap, als alle andere therapieën mislukken.
Gelukkig komt dit slechts zeer sporadisch voor en kan “probleem” gedrag meestal wel gecorrigeerd worden!
Het allerbelangrijkste om een therapie te doen slagen is de samenwerking tussen hulpverleners en familie! Dat samenwerkingsverband bepaalt vaak het slagen of mislukken van een therapie. Samen op dezelfde golflengte zitten, elkaars zorgen en angsten aanhoren zonder elkaar verwijten te maken.
Vaak hebben familieleden de “sleutel” in handen, zij zijn degenen die hun familielid het beste kennen en weten welke ingangen we kunnen gebruiken !
Dus bij deze een oproep , familieleden laat jullie horen, treed in overleg met hulpverleners en zoek samen naar constructieve oplossingen, we hebben elkaar nodig!!!


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen